Tarzanbocht:
Op de plaats waar tegenwoordig het circuit ligt waren vroeger
volkstuintjes die moesten wijken voor het circuit. Eén eigenaar van
zo'n tuintje, een nogal breed persoon die in het dorp Tarzan genoemd
werd, wilde zijn plekje niet afstaan. Pas toen men hem beloofde de
bocht die daar zou komen naar hem te noemen besloot hij toch plaats
te maken voor het nieuwe circuit.

De Tarzanbocht, de bekendste bocht van Zandvoort vanwege
de vele uitremacties.
Gerlachbocht:
In deze bocht verongelukte in 1957 Dr. W. Gerlach, het was het
eerste dodelijke ongeluk op Zandvoort.

Het ongeluk van Dr. Gerlach.
Hugenholtzbocht:
Toen circuitdirecteur Hans Hugenholtz aftrad was er geen geld om hem
een afscheidscadeau te geven. Om toch iets te doen heeft men toen
een bocht naar hem vernoemd. Saillant detail is dat deze Hugenholtz
ook wijnen importeerde ....

Uitkomen Hugenholtzbocht, opkomen Hunzerug.
Hunzerug:
Dit gedeelte is genoemd naar L. Hunze, één van de ontwerpers van het
circuit die op het idee kwam om na de Hugenholtzbocht de baan omhoog
te laten lopen.
Jan de Wijker zijn veld/Rob Slotemakerbocht:
Jan de Wijker was een man in Zandvoort die geboren was in Wijk
aan Zee. Zijn landje (veld) waarop hij aardappelen e.d. teelde
noemden de zandvoorters dus Jan de Wijker zijn veld. Het stamt
waarschijnlijk uit eind 1800. Deze bocht is later naar Rob
Slotemaker vernoemd nadat deze hier op 16 September 1979 dodelijk
verongelukte. Rob Slotemaker eigenaar van de slipschool en de
leermeester van vele Nederlandse coureurs, waarvan Jan Lammers de
bekendste is, was iemand die onlosmakelijk verbonden is met de
geschiedenis van het circuit van Zandvoort. Behalve dat deze bocht
naar hem vernoemd is bevind zich bij de ingang van het circuit een
bronzen afbeelding van zijn gezicht.

Scheivlak:
Op de plaats waar deze bocht nu ligt was vroeger de grens tussen de
openbare duinen en de duinen van Jonkheer Quarles van Ufford. Dus
was daar al medio 1800 het
scheivlak (scheidingsvlak of
grens).
Hondenvlak:
Waarschijnlijk werd deze plaats in het verleden gebruikt door
Zandvoorters die hun honden in stallen/hokken hielden omdat in het
dorp het in 1700/1800 niet was toegestaan honden aan huis te houden.
In die tijd kende men helaas nog de hondenkar, een goedkope vorm van
paard en wagen. In 1980 werd het Hondenvlak vervangen door de
Marlborobocht.

Foto uit 1978 van het Tweede Hondenvlak (achtergrond), gezien
vanaf Tunnel Oost (voorgrond).
Tunnel Oost:
Genoemd naar de tunnel die daar onder de baan doorliep en de
oostelijke toegang vormde tot het binnenterrein waar zich de
gemeentelijke sportvelden bevonden.
Bos In:
Op deze plaats reed men een bos in dat voor de oorlog door de
gemeente was aangepland voor de ontwikkeling van het (nieuwbouw)
plan Noord. Tijdens de plannen voor het circuit vond men een traject
door de bossen wel fraai. Het "Bos In" begon eigenlijk vlak na
Tunnel Oost en eindigde boven op de heuvel voor de langgerekte bocht
naar rechts, het "Bos Uit". In de jaren 60 werd geconstateerd dat de
Dennenscheerder, een klein torretje dat zorgt voor houtrot en dus om
knappende bomen, in de bossen zat. Daardoor werd in de winter van
1964 op 1965 circa 80% van het bos gekapt. De bomen die overbleven
staan nog steeds in het bungalowpark dat nu op deze plaats ligt.
Eind 1972 werd deze bocht omgebouwd tot een chicane, de
Panoramabocht.

Bos Uit:
Hier reed met het bos weer uit. Toen in 1989 het "interim circuit"
werd geopend (zie ook "Zandvoort
Circuitversie's") kwam er, een paar honderd meter
verderop, een nieuw "Bos Uit". Deze bocht is inmiddels omgedoopt tot
"Arie Luyendijkbocht".