Het was vrijdagochtend 4 juli 2008 toen ik met
mijn gehuurde gloednieuwe VW Polo, slechts 9 kilometer op de teller,
en met gemengde gevoelens vanuit Barcelona richting het voormalige
Autòdrom Sitges Terramar vertrok. Dit kon een fantastische dag
worden of een grote teleurstelling. De berichten op de diverse fora
van mijn voorgangers waren niet erg bemoedigend. Bijtgrage honden en
boze mannen met jachtgeweer zouden er wachtten om de bezoekers
duidelijk te maken dat ze niet welkom zijn. Uit voorzorg had ik in
mijn beste Spaans een brief voor de eigenaar opgesteld waarin ik
toestemming vroeg om er foto’s te maken.

Aangekomen in Sitges bleek het toch, ondanks mijn
print van Google Earth, niet zo makkelijk het circuit te vinden. Dus
maar eens geïnformeerd bij de Tourist Information. “You know that
this is a private circuit?” Was de reactie van de dame achter de
balie. Ik zei dat ik dit wist en vertelde van de brief die ik bij me
had. “Than i will explain you how to come there.” Was de reactie.

Na een klein eindje rijden, waarvan het laatste
stuk over een onverharde weg vol kuilen, kwam ik aan bij het
klassieke Autòdrom Sitges Terramar. Het eerst huis waar ik op
stuitte was een in een kleine tribune, naast de hoofdtribune,
gebouwde woning. In de veronderstelling dat hier de eigenaar woonde
klopte ik aan (een bel was er niet). Een oud vrouwtje verscheen en
ik overhandigde haar de brief. Wat onhandig stond ze er mee in de
handen, ze kon waarschijnlijk alleen Catalaans (of helemaal niet)
lezen. Ze wees in de richting van het naar het circuit leidende pad
en overhandigde me de brief weer. Nou dat viel mee dacht ik en ik
begaf mij naar het circuit. Na enkele foto’s te hebben gemaakt kwam
ik aan bij een huis dat zich ter hoogte van start/finish bevond.
Hier wilden net drie dames in een witte auto wegrijden, doch toen ze
mij opmerkten stopten ze …

Gewapend met de brief stapte ik op ze af. De dame
achterin draaide het raam open en na het lezen van de brief vertelde
ze dat de eigenaar voor zaken in Barcelona was. Met haar GSM
probeerde ze hem te bellen doch geen gehoor. Na nog wat gesproken te
hebben stapte een dame voor uit de auto en zei in perfect Engels:
“I’m the owner”. Nadat ook zij de brief had gelezen en na nog wat
gesproken te hebben zei ze uiteindelijk dat ik er foto’s mocht
maken, doch ik moest wachten totdat ze weer terug waren. We spraken
af dat ik er om 2 uur terug zou komen om foto’s te maken. En passant
waarschuwde ze me ook nog voor het feit dat op een bepaald gedeelte
van het circuit honden konden lopen …

Na wat te hebben gegeten begaf ik mij tegen 2 uur
weer richting circuit. Omdat de dames nog niet waren gearriveerd heb
ik eerst maar wat foto’s gemaakt van de oude hoofdtribune die was
omgebouwd tot een soort garage/loods. Toen ik weer bij het huis op
start/finish arriveerde waren ze er nog niet. Wel kwam er net een
jongen op een scooter aan. Hij bleek Engels te spreken en ik legde
hem één en ander uit. Hij zei dat zijn vader de eigenaar was en
probeerde hem te bellen. Zoals eerder bij de dames kreeg ook hij
geen gehoor. Dit bleek achteraf mijn grote geluk te zijn geweest …
Hij ging ermee akkoord dat ik foto’s ging maken van de kombaan.
Enigszins verbaast, zich blijkbaar niet bewust van welk een
autosport monument zich op hun terrein bevind, vroeg hij
aanvankelijk nog waar ik dan precies foto’s van wilde maken ... Ik
wou dat ik een circuit in mijn tuin had!

Nadat ik op start/finish enkele foto’s had gemaakt
begaf ik mij via een onverhard weggetje tussen de akkers op het
binnenterrein door richting kombocht. Deze was alleen op die manier
te bereiken omdat de baan gedeeltelijk was afgezet met hekken met
kettingen erdoor. Er kwamen zeker wat teveel auto’s met hoge
snelheid voorbij het huis van de eigenaar. Aan het einde van het
rechte stuk, waar de kombaan begint, ontdekte ik een grote opening
in het wegdek. “Poeh” dacht ik, ben ik even blij dat ik daar niet
ingereden ben! Dit was meteen een waarschuwing om goed op te letten
of er niet meer van die gaten in de baan zaten alvorens ik mijn
voorgenomen plan om op snelheid door de kombaan te gaan zou
uitvoeren. Nadat ik één kombaan en de “backstraight” gefotografeerd
had stuitte ik vlak voor de tweede kombaan weer op een afzetting,
dit was het gedeelte waar zich honden konden bevinden. Gelukkig zat
er een hek in de afzetting dat open kon en dus begaf ik mij op de
tweede kombaan. Jammer voor het verhaal maar gelukkig voor mij
kwamen er geen honden kijken bij mijn werk en kon ik ongestoord
foto’s maken van de kombaan. Wel klonk er vanaf het aangrenzende
terrein geblaf van honden.

Nadat ik foto’s had gemaakt van beide kombochten
en de, gebogen, “backstraight” werd het tijd om mijn andere plan uit
te voeren. Gelukkig had ik niet meer gaten in het wegdek, wel veel
begroeiing, aangetroffen en dus maakte ik snelheid om eens de
sensatie van een echte klassieke kombaan te ervaren. En wat een
ervaring was dat! Ik heb al op vele circuits gereden, waaronder de
Nürburgring Nordschleife, maar dit was zonder meer mijn meest aparte
circuitervaring! Voordat ik helemaal bovenlangs durfde moest ik
eerst wel enkele keren heen en weer (rondjes rijden was niet
mogelijk vanwege de afzettingen). Vooral linksom door de kombaan was
bijna angstaanjagend doordat je boven je de passagiersstoel zag en
onder je de diepte in keek. Rijtechnisch was dit zeker niet
moeilijk, simpelweg vol gas met de Polo, maar wat een ervaring was
dat steilewandrijden! Om helemaal bovenaan te kunnen blijven moest
je minstens 120 rijden (NB: De topsnelheid van de Polo 1.4 was
slechts 172 km/h waarvan ik ± 140 kon halen op het circuit). Oké dit
is een normaal snelwegtempo, maar op de hobbelige betonplaten bijna
op z’n kant rijdend was dit toch een ander verhaal dan een ritje op
de snelweg. Hulde aan de helden van weleer die hier met hoge
snelheid doorheen gingen op zoek naar een limiet, die bij
overschrijding daarvan werd afgestraft met een enorme luchtsprong
waarvan je je over de afloop geen enkele illusie hoefde te maken!



Nadat ik mij had uitgeleefd op de kombaan begaf ik
mij naar de afzetting aan de andere kant van het circuit teneinde
mijn foto ronde compleet te maken. Maar eerst mocht de oververhitte
Polo, die heerlijk rook zoals een auto ruikt waarmee net circuit is
gereden, tijdens het afkoelen voor het hek op foto. Ja, deze
gloednieuwe Polo heeft wat meegemaakt op haar allereerste rit. Toen
ik mijn rondje bijna compleet had kwam de jongen op de scooter
ineens aangereden en vroeg hoever ik was met fotograferen. Hij had
namelijk net contact met zijn vader gehad en die had gezegd: “No
more pictures!”. Ik zei dat ik nog twee foto’s wilde maken en daarna
zou vertrekken waarmee hij akkoord ging. Weer met gemengde gevoelens
verliet ik het terrein. Blij dat ik de sensatie had mogen meemaken
van het rijden door een echte kombaan (NB: De Karussell op de
Nürburgring is nog geen schim van deze kombaan). Blij met de unieke
foto’s die ik er had kunnen maken. Maar ook een beetje triest
vanwege het vreemde einde van mijn bezoek. Maar vooral vanwege het
feit dat hier een autosportmonument, een type circuit uit vervlogen
tijden, ligt weg te rotten. Maar bovenal besefte ik dat ik die dag
heel veel geluk had gehad!
Herman
